Interessant voor eindtermen Nederlands (Lezen, Luisteren en Spreken). Ook vakoverschrijdend: bv. Sociale vaardigheden.
Het idee
Contactgegevens
Boeken voor eerste lezers moeten aangepast zijn aan de leefwereld van het kind, aan hun spel en fantasie. De omslagtekening en de titel moeten aantrekkelijk en uitnodigend zijn. Vlotte dialogen en leuke verhalen spreken hen erg aan. De boeken van Janosch beantwoorden aan deze voorwaarden. Deze activiteit is helemaal opgebouwd rond het boek ‘O, wat mooi is Panama’.
Een bibliotheekmedewerker komt in de klas het boek ‘O, wat mooi is panama’ van Janosh voorlezen en maakt daarbij gebruik van een 15-tal dia’s van de belangrijkste prenten. Daarna wordt de klas in de bib uitgenodigd om het Panamaspel te komen spelen. Dat is een vraag- en opdrachtenspel met behulp van een rad.
Aan de slag
Voorbereiding
-Het is belangrijk dat school en bibliotheek vooraf duidelijke afspraken maken over wie wat zal doen. Er is nogal wat voorbereidend werk: *er moeten dia’s en een geluidscassette gemaakt worden *de kaarten moeten in de juiste kleur geprint worden het rad wordt best vergroot. -Verder heb je nodig: *het prentenboek ‘O, wat mooi is Panama’ van Janosch *het Panamaspel en het rad (die moeten aanwezig zijn in de bib) *inhoud van de Panama-speldoos *5-tal schrijfpotloden of balpennen *stapeltje tekenpapier (eventueel kladpapier) *klok, horloge of chronometer *1 cassetterecorder *1 blinddoek *1 spel kaarten
Inleiding (in de klas)
-Het boek wordt verteld in de klas aan de hand van een aantal dia’s door de bibliotheekmedewerker. -Vraag na het voorlezen hun mening. Waarover ging het verhaal? Was het mooi? Wat vond je bijzonder? Bestaat Panama echt? Lees dit eens: pa-na-ma. -De kinderen worden uitgenodigd om één of twee weken later een spel te komen spelen in de bibliotheek.
Kern (in de bib)
-De kinderen zitten in een kring. -Je vertelt dat ze in de bib heel wat leuke boeken kunnen vinden en dat ze straks een boek mogen kiezen om mee naar huis te nemen. -Het boek ‘O, wat mooi is Panama’ wordt opnieuw getoond. -Vraag de kinderen wat ze zien. Waarover ging dat verhaaltje ook weer? -Laat de kinderen zoveel mogelijk aan het woord. -Lees het verhaal opnieuw voor. -Zeg hen dat ze goed moeten luisteren want dat ze later het verhaal nodig zullen hebben om het Panama-spel te spelen. -Speel het Panamaspel met de hele klas. -De kinderen worden in vier groepen verdeeld en gaan rond het Panamarad zitten. -Let er op dat denkvragen en doe-opdrachten afgewisseld worden. -Na het spel vraag je opnieuw de mening van de kinderen.
Afronding
-Ten slotte maak je de kinderen wegwijs in de jeugdafdeling en leg je hen uit hoe ze zelf lid kunnen worden van de bib. -Toon nogmaals het boek van Janosh en ga met de kinderen naar de plaats waar de prentenboeken staan. --Wijs hen ook de boeken die ze zelf al kunnen lezen en vertel dat ze elk een boek mogen meenemen naar de klas. Als iedereen een boek heeft gekozen, leer je de kinderen dat ze altijd hun boek moeten tonen aan de balie. - Zeg dat ze ook met mama of papa naar de bib mogen komen en dat ze niet moeten betalen. -Ze krijgen dan ook zelf een bibliotheekpasje (tonen).
mogelijke vervolgactiviteiten: -Als de kinderen de tweede keer naar de bib komen met de klas, herhaal je kort de informatie van vorige keer. -Dit doe je door middel van korte vraagjes, zodat de kinderen zelf initiatief leren nemen: Wie weet nog waar de prentenboeken staan? Waar staan de leesboeken? Wat moet je doen als je een nieuw boek hebt gekozen?
Evaluatie:
Zowel bibliotheekmedewerkers als leerkrachten reageerden erg enthousiast. Wat opviel is dat de kinderen op school na het project nog heel actief hebben gewerkt rond het boek. Dit bewijzen de vele klassikale knutsel- en schilderwerkjes, werkmapjes en lespakketjes.